ECLI:NL:RBZWB:2021:3230
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar middeling inkomstenbelasting afgewezen
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een beschikking op het verzoek om middeling in de inkomstenbelasting over de jaren 2015 tot en met 2017. Vervolgens verzocht hij om herziening van deze middelingsbeschikking, waarbij hij een ander middelingstijdvak wilde toepassen, namelijk de jaren 2017 tot en met 2019. De inspecteur heeft dit verzoek behandeld als een bezwaar en niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de bezwaartermijn.
De rechtbank stelt vast dat een verzoek tot herziening van een middelingsbeschikking als een bezwaar moet worden aangemerkt en dat de wettelijke bezwaartermijn van zes weken strikt geldt. Belanghebbende heeft het bezwaarschrift niet tijdig ingediend en heeft geen verschoonbare redenen voor de termijnoverschrijding aangevoerd.
Daarom is de niet-ontvankelijkverklaring terecht en is het beroep tegen deze beslissing ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 25 juni 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de middelingsbeschikking is ongegrond verklaard.