Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 juli 2021 op het verzet van
[naam opposante] , te [plaatsnaam] , opposante,
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 juli 2021 op het beroep van
[naam opposante] , te [plaatsnaam] , eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het verzet gegrond;
- verklaart het beroep tegen het niet tijdig beslissen gegrond;
- vernietigt het, met een besluit gelijk te stellen, niet tijdig nemen van een beslissing op het bezwaar;
- draagt het college op binnen twee weken na de dag van verzending van deze uitspraak alsnog een beslissing op het bezwaar bekend te maken;
- stelt de door het college verbeurde dwangsom vast op € 1.442,-;
- bepaalt dat het college aan eiseres een dwangsom van € 100,- verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 48,- aan eiseres te vergoeden.