Eiseres ontving sinds november 2018 een bijstandsuitkering. Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg trok haar uitkering per 1 september 2019 in omdat zij haar inkomsten uit arbeid niet had opgegeven, waarmee zij de op haar rustende inlichtingenplicht zou hebben geschonden. Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit, dat deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond werd verklaard. Zij stelde dat zij voldoende signalen had gegeven over haar inkomsten en dat zij niet wist dat zij deze moest doorgeven.
De rechtbank oordeelde dat het voor eiseres duidelijk had moeten zijn dat zij haar inkomsten moest melden, zeker gezien de lopende bezwaarprocedure en nieuwe bijstandsaanvraag. Hoewel zij had gemeld dat zij werkte, had zij nagelaten de hoogte van haar inkomsten door te geven. De rechtbank stelde vast dat de schending van de inlichtingenplicht terecht als grondslag voor intrekking werd gehanteerd.
Verder werd vastgesteld dat het voornemen tot het opleggen van een boete geen besluit was en dat hierover geen boete is opgelegd. Ook was er geen afzonderlijk terugvorderingsbesluit genomen, zodat dit buiten de procedure viel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de intrekking van de uitkering bevestigd.