ECLI:NL:RBZWB:2021:4289
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering dwangsommen wegens permanente bewoning recreatiewoning
Eiser is eigenaar van een recreatiewoning die in strijd met het bestemmingsplan permanent werd bewoond. Het college legde meerdere last onder dwangsom op met een maximum van €50.000. Na controle stelde het college vast dat de overtreding voortduurde en verbeurde de dwangsommen.
Eiser voerde aan dat bijzondere omstandigheden bestonden, zoals een huurovereenkomst en onjuiste informatie over inschrijving van de bewoner, en dat de dwangsommen disproportioneel en onredelijk waren. De rechtbank oordeelde dat de last onder dwangsom formele rechtskracht heeft en dat bezwaren tegen de last niet in deze procedure kunnen worden aangevoerd.
De rechtbank vond het controlerapport voldoende bewijs voor de verbeurde dwangsommen en oordeelde dat het college terecht tot invordering is overgegaan. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de invordering van €50.000 aan verbeurde dwangsommen wordt ongegrond verklaard.