Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oisterwijk vanwege het gebruik van een ruimte in strijd met het bestemmingsplan. Verzoeker sub 2 is eigenaar van de ruimte en verhuurt deze aan verzoeker sub 1, die daar een bedrijf exploiteert.
Na ontvangst van een handhavingsverzoek heeft het college een last onder dwangsom opgelegd wegens het gebruik van de ruimte als sportschool, wat niet is toegestaan op het bedrijventerrein volgens het bestemmingsplan. Verzoekers maakten bezwaar en stelden beroep in. Tijdens de procedure overleed verzoeker sub 2, waardoor zijn beroep niet-ontvankelijk werd verklaard.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het gebruik van de ruimte door verzoeker sub 1 niet past binnen de bestemming bedrijventerrein en de categorie bedrijfsactiviteiten 4.1, ongeacht of het bedrijf als sportschool of persoonlijke dienstverlening wordt aangemerkt. Het college heeft terecht gehandhaafd, aangezien er geen concreet zicht op legalisatie bestaat en het handhavend optreden niet onevenredig is. Het beroep van verzoeker sub 1 wordt ongegrond verklaard.