ECLI:NL:RBZWB:2021:5997
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep Participatiewet
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Breda over de toekenning van een aanvullende uitkering op grond van de Participatiewet. In het primaire besluit werd de uitkering toegekend vanaf 1 januari 2020 in plaats van 1 januari 2019. Tijdens het beroep dienden verzoekers alsnog de gevraagde aanvullende stukken in.
Hierop heeft verweerder bij besluit van 15 september 2021 het bestreden besluit niet gehandhaafd en alsnog de uitkering toegekend vanaf 1 januari 2019. Vervolgens trokken verzoekers het beroep in en verzochten zij om veroordeling van verweerder in de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat verweerder aan verzoekers is tegemoetgekomen, maar dat verzoekers de aanvullende informatie te laat hebben verstrekt, waardoor het beroep onnodig was. Dit leidt tot een uitzondering op de regel dat proceskosten worden vergoed. Daarom wijst de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af en ziet ook af van vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen vanwege te late indiening van aanvullende stukken door verzoekers.