Eiseres sub 2 diende een handhavingsverzoek in tegen het gebruik van een woning door zeven arbeidsmigranten, wat in strijd was met het bestemmingsplan. Het college wees dit verzoek gedeeltelijk af en verleende een omgevingsvergunning voor huisvesting van maximaal vier personen. Eiseressen maakten bezwaar tegen deze besluiten en stelden beroep in tegen het bestreden besluit dat hun bezwaren ongegrond verklaarde.
De rechtbank verklaarde eiseres sub 1 niet-ontvankelijk voor zover haar beroep betrekking had op het handhavingsbesluit, omdat zij geen bezwaar had gemaakt. De rechtbank oordeelde dat het college het gebruik van de woning als huisvesting voor vier personen terecht had gelegaliseerd, mede omdat het perceel in een gemengd gebied ligt en het horecabedrijf niet als milieucategorie 2 kan worden aangemerkt, waardoor de richtafstand nul meter bedraagt.
Verder overwoog de rechtbank dat het feitelijk gebruik van de woning niet als bedrijfswoning kan worden aangemerkt, waardoor de geluidsnormen van het Activiteitenbesluit van toepassing zijn en de bedrijfsvoering van eiseressen niet wordt beperkt. Het regionale beleidskader voor huisvesting van arbeidsmigranten stond de vergunningverlening niet in de weg.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank de beroepen ongegrond en wees zij proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.