Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
een gevangenisstraf van 26 dagen;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 19 april 2022 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van bezit en verwerking van hennep in de periode van augustus tot oktober 2013. De tenlastelegging betrof het bewerken, afleveren, vervoeren en bezit van hennep in aanzienlijke hoeveelheden.
Tijdens de zitting van 5 april 2022 heeft de officier van justitie haar standpunt toegelicht en werd het bewijs onderbouwd met processen-verbaal en bekennende verklaringen van verdachte. De verdediging voerde geen bewijsverweer, maar gaf aan dat verdachte kampt met rugproblemen en slechts licht werk verricht.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte in vereniging met anderen hennep in bezit had en bewerkte, en veroordeelde hem tot een gevangenisstraf van 26 dagen, gelijk aan de duur van het voorarrest. Hierbij werd rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en een aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn, die grotendeels voor rekening van het Openbaar Ministerie kwam.
De rechtbank benadrukte de ernst van het feit dat verdachte een belangrijke rol speelde in de illegale hennephandel, ondanks zijn financiële motieven en spijtbetuiging. Verdachte werd vrijgesproken van overige ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden.
De uitspraak is gewezen door een meervoudige kamer onder voorzitterschap van mr. R.J.H. Goossens en twee rechters, en is uitgesproken in openbare zitting.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 26 dagen gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest wegens medeplegen van bezit van hennep.