Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
).
1.Feiten en loop geding
2.Gronden
3.Beslissing
mr. A. Krishnapillai, griffier, op 9 juni 2022 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De inspecteur legde aan belanghebbende een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen voor het jaar 2018 op. Belanghebbende maakte bezwaar, dat niet-ontvankelijk werd verklaard en behandeld als verzoek om ambtshalve vermindering, welke werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het daarop volgende beroep niet-ontvankelijk wegens te late indiening. Belanghebbende tekende verzet aan tegen deze uitspraak.
Tijdens de procedure bleek dat belanghebbende was overleden. De rechtbank verzocht erfgenamen zich te melden met een verklaring van erfrecht om het verzet voort te zetten. Brieven werden niet afgehaald en er kwam geen reactie. De rechtbank plaatste een oproep in de Staatscourant, maar ontving geen reacties.
Gezien het ontbreken van een erfgenaam of gemachtigde om de procedure voort te zetten, is het procesbelang komen te vervallen. Daarom verklaarde de rechtbank het verzet niet-ontvankelijk en wees het af.
Uitkomst: Het verzet tegen de aanslag inkomstenbelasting wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een erfgenaam die de procedure kan voortzetten.