ECLI:NL:RBZWB:2022:3435
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen niet-ontvankelijk wegens niet-tijdige betaling griffierecht in belastingzaken
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar, maar de rechtbank verklaart deze beroepen kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het niet tijdig betalen van het griffierecht. Volgens artikel 8:41 Awb Pro moet het griffierecht binnen een gestelde termijn volledig zijn voldaan, anders is het beroep niet-ontvankelijk tenzij sprake is van verontschuldigbare betalingsonmacht.
Belanghebbende heeft een beroep op betalingsonmacht gedaan, maar de griffier heeft dit afgewezen omdat onvoldoende bewijs is geleverd dat zowel belanghebbende als de bestuurders en aandeelhouders niet in staat zijn het griffierecht te voldoen. De griffierechtnota is correct verzonden aan de gemachtigde en bevat alle vereiste gegevens, waaronder namen van partijen en zaaknummer.
De rechtbank volgt de jurisprudentie dat ook rechtspersonen een beroep op betalingsonmacht kunnen doen, maar dat daarbij ook de draagkracht van bestuurders en aandeelhouders wordt betrokken. De ingebrachte draagkrachtverklaring van het kantoor van de gemachtigde is onvoldoende om betalingsonmacht aan te tonen.
Omdat het griffierecht slechts gedeeltelijk is betaald en geen geldige verontschuldiging is gegeven, zijn de beroepen niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen en griffier P. van der Hoeven op 24 juni 2022.
Uitkomst: De beroepen zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige en onvolledige betaling van het griffierecht.