ECLI:NL:RBZWB:2022:3910
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens geparkeerde auto zonder betaling
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd omdat haar auto zonder betaling op een parkeerplaats stond. De rechtbank beoordeelde of er sprake was van parkeren of van onmiddellijk in- of uitstappen, waarbij de bewijslast bij belanghebbende lag.
De auto stond stil op een parkeerplaats waar betaald parkeren geldt. Foto’s toonden geen personen bij de auto, noch aanwijzingen voor in- of uitstappen of het gebruik van de boedelbak. De rechtbank oordeelde dat de auto geparkeerd stond, omdat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat er sprake was van direct in- of uitstappen.
Daarmee was de naheffingsaanslag terecht opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en belanghebbende kreeg geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant op 18 juli 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.