ECLI:NL:RBZWB:2022:4066
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Verzoeker had bezwaar gemaakt tegen een besluit van de Belastingdienst waarin voorschotten zorgtoeslag en kindgebonden budget voor 2019 waren vastgesteld. Na een eerste besluit verklaarde de Belastingdienst het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk. Verzoeker stelde beroep in bij de rechtbank. Vervolgens herzag de Belastingdienst het bestreden besluit en verklaarde het bezwaar ontvankelijk en gegrond, waarbij de voorschotten werden verhoogd.
Naar aanleiding hiervan trok verzoeker het beroep in en verzocht de rechtbank om de Belastingdienst te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten. De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 8:75a Awb bij intrekking van het beroep vanwege tegemoetkoming het bestuursorgaan kan worden veroordeeld in de proceskosten.
De rechtbank stelde de proceskosten vast op €759,00 voor de beroepsmatige rechtsbijstand en wees erop dat het griffierecht van €48,00 reeds door de Belastingdienst wordt vergoed. De rechtbank veroordeelde de Belastingdienst tot betaling van de proceskosten aan verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Belastingdienst tot vergoeding van €759,00 aan proceskosten aan verzoeker.