ECLI:NL:RBZWB:2022:5041
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag parkeerbelasting voor stilstaande auto bij laadpaal
De heffingsambtenaar legde aan belanghebbende een naheffingsaanslag parkeerbelasting op omdat zijn auto op 2 april 2021 zonder betaling geparkeerd stond op een parkeerplaats aan de Zandberglaan te Breda, bestemd voor het opladen van elektrische voertuigen.
Belanghebbende voerde aan dat er geen sprake was van parkeren in de zin van de Parkeerverordening omdat zijn auto weliswaar stil stond en aangesloten was op de laadpaal, maar geen stroom afnam. Volgens hem was het voertuig in strijd met het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (Rvv) geparkeerd en had de controleur een Mulderboete moeten opleggen in plaats van een naheffingsaanslag.
De rechtbank oordeelde echter dat parkeren in de zin van de Parkeerverordening betrekking heeft op het laten staan van een voertuig op een plek waar dit niet ingevolge een wettelijk voorschrift verboden is. Het feit dat het voertuig aangesloten was op de laadpaal en op een fiscale parkeerplaats stond, maakte dat sprake was van parkeren waarvoor parkeerbelasting verschuldigd is. Het ontbreken van daadwerkelijke stroomafname was tijdens controle niet vast te stellen en deed niet af aan de kwalificatie als parkeren.
Daarom was de naheffingsaanslag terecht opgelegd en werd het beroep ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard.