ECLI:NL:GHDHA:2021:1324
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag parkeerbelasting bij parkeren aan laadpaal zonder stroomafname
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor parkeerbelasting omdat zijn voertuig op 16 augustus 2019 geparkeerd stond aan een laadpaal in een betaaldparkeerzone zonder dat parkeerbelasting was voldaan. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde dat het feit dat het voertuig aangesloten was op de laadpaal voldoende was om van parkeren te spreken, ongeacht of er daadwerkelijk stroom werd afgenomen.
In hoger beroep voerde belanghebbende aan dat het parkeren in strijd was met een wettelijk voorschrift omdat het voertuig geen stroom afnam, waardoor het doel van de parkeerplek niet werd gevolgd. Het Hof oordeelde echter dat het voertuig geparkeerd stond met het doel de accu op te laden en dat het feitelijke ontbreken van stroomafname tijdens controle moeilijk vast te stellen is. Daarom was sprake van parkeren in de zin van de Gemeentewet en de Verordening.
Het Hof wees het verzoek om een nieuwe mondelinge behandeling af omdat de gemachtigde te vroeg vertrok en geen geldige reden gaf. Ook werd het verzoek om aanhouding afgewezen omdat geen relevante reden was gegeven. Uiteindelijk bevestigde het Hof de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting omdat het voertuig geparkeerd stond op een fiscale parkeerplaats aan een laadpaal, ook zonder stroomafname.