ECLI:NL:RBZWB:2022:5118
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing omgevingsvergunning tijdelijke bouwweg vanwege betere alternatieven en motiveringsgebrek
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 26 augustus 2022 uitspraak gedaan over het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de verleende omgevingsvergunning voor het aanleggen van een tijdelijke bouwweg ten behoeve van de bouw van 84 woningen.
Verzoekers maakten bezwaar tegen het besluit, omdat er volgens hen betere alternatieven zijn waarbij het bouwverkeer niet door de woonwijk gaat, wat veiliger is voor de bewoners, waaronder veel kinderen. Uit een memo van Anteagroup bleek dat meerdere alternatieven een gelijkwaardig resultaat bieden met minder bezwaren, terwijl de huidige bouwwegvariant de minst wenselijke optie is.
De gemeente erkende zelf dat de huidige bouwwegvariant door de woonwijk onwenselijk is. Daarnaast waren er inmiddels toestemming en mogelijkheden voor alternatieve routes, waardoor vertraging van de bouw beperkt kan blijven. De voorzieningenrechter oordeelde dat het college het besluit onzorgvuldig heeft voorbereid en onvoldoende heeft gemotiveerd, waardoor de vergunning niet op grond van de Wabo en het Bor verleend had kunnen worden.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en het besluit geschorst tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar. Het college werd tevens verplicht het griffierecht aan verzoekers te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en de omgevingsvergunning voor de tijdelijke bouwweg wordt geschorst.