Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen een door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal verleende omgevingsvergunning voor het realiseren van arbeidsmigrantenhuisvesting op een perceel met bestemming bedrijventerrein-4.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het afwijkt van het advies van de commissie voor de bezwaarschriften en dat het besluit innerlijk tegenstrijdig is doordat het uitgaat van de feitelijke situatie in plaats van de maximale planologische invulling. Hierdoor is het besluit gebrekkig en niet consistent gemotiveerd.
Verder is vastgesteld dat de huisvesting als logies en niet als wonen moet worden aangemerkt, en dat het beleid van de gemeente Roosendaal de huisvesting op deze locatie niet uitsluit. De omgevingsdialoog en andere procedurele bezwaren slagen niet.
De voorzieningenrechter vernietigt het bestreden besluit, schorst het primaire besluit van 3 augustus 2021 tot zes weken na een nieuw besluit op bezwaar en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.