ECLI:NL:RVS:2020:2206
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- D.A. Verburg
- B. Meijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor tijdelijk logiesgebouw arbeidsmigranten ondanks bezwaren buurbedrijf
Het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer verleende aan JoiN B.V. een omgevingsvergunning voor het realiseren van een logiesgebouw (Flowerhotel) met 58 kamers voor tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten op het bedrijventerrein Green Park. Duif, exploitant van een nabijgelegen groothandelsbedrijf, maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde onder meer dat het project in strijd was met het bestemmingsplan, dat een verklaring van geen bedenkingen ontbrak, dat het aantal bedden niet was begrensd, dat het verblijf feitelijk een woonfunctie had, en dat geluid en parkeren onvoldoende waren onderzocht.
De rechtbank verklaarde het beroep van Duif ongegrond, waarna Duif hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college bevoegd was de vergunning te verlenen zonder verklaring van geen bedenkingen, omdat het project binnen de gemeentelijke Structuurvisie paste. Het aantal bedden is begrensd op 166 met een tijdelijke uitbreiding tot 200, en het college kan handhavend optreden bij overschrijding. Het verblijf is aangemerkt als logies zonder woonfunctie, omdat het verblijf maximaal zes maanden duurt en arbeidsmigranten elders hun hoofdverblijf behouden.
Verder is geoordeeld dat het college terecht geen akoestisch onderzoek heeft laten uitvoeren, omdat het Flowerhotel geen geluidgevoelig gebouw is en de afstand tot het bedrijf van Duif voldoet aan richtafstanden uit de VNG-brochure. De parkeerplaatsen voldoen aan maatwerkberekeningen, en de regionale behoefte aan tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten is voldoende onderbouwd. De belangen van Duif zijn meegewogen, maar het college mocht het belang van goede huisvesting van arbeidsmigranten zwaarder laten wegen. De voorschriften in de vergunning zijn handhaafbaar. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor het logiesgebouw wordt bevestigd.