Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 27 oktober 2022 in de zaak tussen
[naam eiseres] , uit [plaatsnaam] , eiseres
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Feiten
Ik heb nergens kunnen vinden dat ik dat verzoek schriftelijk moet doen.
In 2019 heb ik je meerdere keren telefonisch gevraagd om mee te werken aan de ontbinding van mijn arbeidsovereenkomst, zodat ik een transitievergoeding kon krijgen. Ik heb zelfs nog aangeboden om met mijn vrouw naar [plaatsnaam] te komen om de stukken nog in 2019 te tekenen. Jij vond dat niet nodig, je zou het wel aangetekend opsturen naar me, en ik zou het dan tekenen en weer aangetekend terugsturen. Je bleef echter wachten op de schriftelijke beschikking van het UWV. Terwijl de Arbeidsdeskundige van het UWV mij 11 december en ook jou 12 december telefonisch heeft laten weten dat er geen benutbare arbeid meer was en dat ik voor 100% afgekeurd ging worden, hetzij met een loongerelateerde WIA, hetzij met een IVA uitkering. Dat laatste is het uiteindelijk geworden […]. Ik wil nu toch wel graag een voorstel van [naam eiseres] ontvangen, zodat ik dat, indien nodig, door een advocaat kan laten beoordelen. Zo komen we niet verder.”
Standpunten partijen
Beoordeling
- beide partijen op of na 1 januari 2020 een dagtekening en handtekening op de beëindigingsovereenkomst hebben gezet; en
- de werkgever de hoogte van de transitievergoeding heeft berekend en betaald aan de hand van de oude berekeningssystematiek voor de transitievergoeding;
Conclusie