Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Inleiding
2.Feiten
3.Beoordeling door de rechtbank
4.Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende maakte bezwaar tegen aanslagen inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet over 2015. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn en handhaafde de aanslagen.
Belanghebbende diende vervolgens een beroepschrift in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring, maar dit beroepschrift werd te laat ingediend. De rechtbank oordeelde dat het beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat geen verontschuldiging voor de termijnoverschrijding was gegeven.
Daarnaast wees de rechtbank erop dat het verzoek om ambtshalve vermindering eerst via bezwaar moet worden behandeld, en dat de rechtbank de brief van belanghebbende daarom doorzendt naar de inspecteur. De uitspraak is gedaan door rechter Bastiaansen op 25 november 2022.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.