ECLI:NL:RBZWB:2022:7729
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep herbeoordeling kinderopvangtoeslag
Opposante heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de Belastingdienst/Toeslagen op haar aanvraag tot herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat de ingebrekestelling te vroeg was gedaan. Opposante stelde hiertegen verzet in.
De rechtbank overweegt dat de ingebrekestelling op 18 januari 2022 is gedaan en op 20 januari 2022 bij verweerder is ontvangen, terwijl de beslistermijn eindigde op 20 januari 2022. Omdat verweerder zelf erkent dat de beslistermijn op 19 januari 2022 eindigde en vanaf 20 januari 2022 sprake was van te late beslissing, is de ingebrekestelling correct.
Daarom is de niet-ontvankelijkverklaring onterecht en wordt het verzet gegrond verklaard. De eerdere uitspraak vervalt en de rechtbank zal het onderzoek hervatten. Tevens wordt de Belastingdienst/Toeslagen veroordeeld in de proceskosten van opposante.
Uitkomst: Het verzet is gegrond verklaard, de niet-ontvankelijkverklaring vernietigd en de zaak wordt inhoudelijk verder behandeld.