ECLI:NL:RBZWB:2023:1401
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende medische beperkingen
Eiser, werkzaam als mechanisch procesoperator, vroeg een WIA-uitkering aan na een bedrijfsongeval op 1 december 2018. Het UWV weigerde deze uitkering per 28 november 2020, omdat eiser volgens medisch onderzoek slechts voor 19,17% arbeidsongeschikt zou zijn. De rechtbank beoordeelde het beroep van eiser tegen deze weigering.
De medische beoordeling door het UWV was gebaseerd op rapporten van een primaire arts en een verzekeringsarts bezwaar en beroep. Zij concludeerden dat eiser fysieke beperkingen heeft die kniesparend werk vereisen, maar geen psychische stoornis die tot extra beperkingen leidt. Eiser stelde dat zijn beperkingen, inclusief psychische klachten en medicatiegebruik, onderschat waren.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek onvolledig was, met name omdat het UWV onvoldoende aandacht had besteed aan maagzuur- en maagklachten die eiser had gemeld en die relevant kunnen zijn voor zijn belastbaarheid. Daarom is het bestreden besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid genomen.
De rechtbank gaf het UWV de mogelijkheid om het gebrek binnen twaalf weken te herstellen door een volledige herbeoordeling, eventueel met een nieuwe arbeidskundige beoordeling. De verdere beslissing wordt aangehouden tot de einduitspraak.
Uitkomst: Het UWV krijgt twaalf weken om het gebrek in het besluit te herstellen; de verdere beslissing wordt aangehouden.