ECLI:NL:RBZWB:2023:1937
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen herziening, intrekking en terugvordering bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet
Eiser ontvangt sinds april 2019 een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet. Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg heeft het recht op bijstand herzien en ingetrokken voor diverse maanden in 2019 en 2020 en een terugvordering van € 9.689,58 opgelegd na correctie van een eerdere terugvordering van € 11.505.
Eiser maakte bezwaar tegen deze besluiten en stelde onder meer dat de contante stortingen en overboekingen van derden niet als middelen konden worden aangemerkt, dat de verkoop via Marktplaats vooral door zijn broer werd gedaan en dat een deugdelijke specificatie van de terugvordering ontbrak.
De rechtbank oordeelt dat het college terecht de contante stortingen en overboekingen als inkomsten heeft aangemerkt, omdat eiser deze niet heeft gemeld en daarmee zijn inlichtingenplicht heeft geschonden. Ook het bedrag van de Nederlandse Loterij en de verkoopactiviteiten via Marktplaats zijn terecht betrokken bij de herziening.
De stelling van eiser dat de overboekingen over de gehele periode in totaal beoordeeld moeten worden, wordt verworpen. De rechtbank volgt het college in de terugvordering en wijst het beroep af. Eiser krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de herziening, intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard.