ECLI:NL:RBZWB:2023:2373
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag BPM voor nieuwe personenauto’s met hagelschade
Belanghebbende heeft in oktober 2017 BPM betaald voor zeven personenauto’s, waarbij afschrijving werd toegepast op basis van taxatierapporten met kilometerstanden variërend van 5 tot 176 kilometer. De inspecteur stelde dat het nieuwe auto’s betrof waarop geen afschrijving mogelijk was en legde een naheffingsaanslag op van € 54.013, later verminderd tot € 36.221 na bezwaar.
De rechtbank oordeelt dat auto’s met zo’n lage kilometerstand en zonder gebruikssporen als nieuwe auto’s moeten worden aangemerkt volgens de Wet BPM. De door belanghebbende aangevoerde hagelschade leidt niet tot een andere kwalificatie, omdat schade voorafgaand aan eerste ingebruikneming niet betekent dat de auto’s daadwerkelijk zijn gebruikt.
Belanghebbende verzocht tevens om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank constateert een overschrijding van ongeveer een jaar en kent een vergoeding van € 1.000 toe. Daarnaast wordt proceskostenvergoeding en griffierecht aan belanghebbende toegekend.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, de naheffingsaanslag blijft in stand, maar belanghebbende ontvangt een vergoeding voor immateriële schade en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag BPM blijft in stand, met toekenning van een immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.