Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 april 2023 in de zaken tussen
[naam vergunninghoudster]te [plaatsnaam] , vergunninghoudster,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Vergunninghoudster vroeg een omgevingsvergunning aan voor het bouwen van drie appartementen en het wijzigen van een gemeentelijk monument aan de [adres] 33-35a te [plaatsnaam]. Het college verleende deze vergunning, ondanks bezwaren van twee groepen eisers die stelden dat het bouwplan strijdig was met het bestemmingsplan, de redelijke eisen van welstand, het Bouwbesluit 2012 en dat er sprake was van privaatrechtelijke belemmeringen.
De rechtbank beoordeelde de beroepsgronden en oordeelde dat het college terecht gebruik heeft gemaakt van de binnenplanse afwijkingsbevoegdheid voor een bouwhoogte van 12,49 meter, terwijl het bestemmingsplan 12 meter toestaat. Ook was er geen sprake van een evidente privaatrechtelijke belemmering die weigering van de vergunning zou rechtvaardigen. Verder concludeerde de rechtbank dat de vereiste parkeerplaatsen op het eigen terrein worden gerealiseerd en dat het college het advies van de Commissie ruimtelijke kwaliteit (Crk) terecht heeft gevolgd bij de welstandstoets.
Echter, tijdens de zitting bleek dat een bouwwerk op het perceel [adres] 33 met dakbedekking bevestigd aan het monumentale pand [adres] 31 niet was meegenomen in de beoordeling. Dit bouwwerk is niet vergund gesloopt, terwijl dit wel nodig is. De rechtbank constateert hierdoor een motiverings- en zorgvuldigheidsgebrek en geeft het college twaalf weken de tijd om dit te herstellen. Tot die tijd worden verdere beslissingen aangehouden.
De rechtbank verklaart het beroep van eisers 2 ongegrond en neemt geen beslissing over proceskosten. Voor eisers 1 wordt de beslissing over proceskosten aangehouden tot de einduitspraak. Tegen deze tussenuitspraak is nog geen hoger beroep mogelijk, maar kan dit gelijktijdig met de einduitspraak worden ingesteld.
Uitkomst: Het college krijgt twaalf weken de tijd om gebreken in de omgevingsvergunning te herstellen vanwege het niet meenemen van een bouwwerk met dakbedekking aan een gemeentelijk monument.