Eiser heeft beroep ingesteld tegen de verlening van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een vrijstaand bijgebouw op een perceel te Breda. Het bouwplan betreft een fietsenberging, tuinberging, atelier/berging en hobbyruimte, deels buiten het bouwvlak en met een totale oppervlakte die de toegestane 60 m² overschrijdt.
Het college van burgemeester en wethouders heeft de vergunning verleend op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Beleidsregels voor het afwijken van een bestemmingsplan Breda 2015. Eiser betwist onder meer dat het college bij de berekening van de toelaatbare afwijking terecht is uitgegaan van het gehele kadastrale perceel in plaats van alleen het feitelijk in gebruik zijnde deel.
De rechtbank oordeelt dat het college bevoegd was om het gehele kadastrale perceel mee te rekenen en dat de beleidsregels juist zijn toegepast. De vermeende dubbele telling van afwijkingen door eiser wordt verworpen. Ook is geen reden om de afwijking te beperken tot het bouwvlak. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het besluit tot vergunningverlening blijft in stand.