Belanghebbende stelde verzet in tegen een eerdere niet-ontvankelijkverklaring van zijn beroepschrift inzake vennootschapsbelasting 2017 en een opgelegde verzuimboete. De rechtbank constateerde dat de gemachtigde van belanghebbende was overleden en dat de rechtbank geen contact kon krijgen met de bevoegd bestuurders of erfgenamen. Diverse pogingen tot contact, waaronder brieven per gewone en aangetekende post, bleven onbeantwoord en retour gekomen.
De rechtbank plaatste een oproep in de Staatscourant voor belanghebbenden om zich te melden, maar ontving geen reacties. Op grond van artikel 8:26, tweede lid, Awb concludeerde de rechtbank dat het processuele belang ontbrak omdat geen persoon gemachtigd was de procedure voort te zetten. Daarom werd het verzet niet-ontvankelijk verklaard.
De uitspraak is gedaan door rechter M.H. van Schaik en openbaar gemaakt via geanonimiseerde publicatie. Partijen kunnen binnen zes weken beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden.