Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , eiser,
[naam zoon]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
ex tunc-toetsing). De omstandigheden dat eiser op 24 mei 2022 is gedagvaard en dat er op 30 augustus 2022 een zitting en een vonnis zijn gekomen, maken het bestreden besluit niet disproportioneel. Van bestuursorganen kan namelijk in beginsel niet worden verlangd dat zij wachten op mogelijke toekomstige gebeurtenissen, temeer als er geen indicatie bestaat voor de termijn waarop die zouden kunnen plaatsvinden. De omstandigheid dat het OM kennelijk niet is ingegaan op de verzoeken van eiser om de strafzaak sneller te behandelen, kan niet voor rekening van verweerder komen en is daarom geen aanleiding voor een ander oordeel.