ECLI:NL:RBZWB:2023:6208
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag Verklaring Omtrent het Gedrag wegens voorwaardelijk sepot zedendelict
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor de functie van persoonlijk begeleider. De minister wees de aanvraag af vanwege een registratie in het Justitieel Documentatie Systeem van een voorwaardelijk geseponeerd zedendelict uit 2015.
Eiser voerde aan dat sprake was van persoonsverwisseling en dat het feit gering was, met een lange staat van dienst in de beveiligingsbranche zonder eerdere weigering van een beveiligingspas. Ook stelde hij dat hij in de beoogde functie onder toezicht zou werken, waardoor het risico beperkt is.
De rechtbank oordeelde dat het objectieve criterium van de Beleidsregels VOG-NP-RP 2022 werd gehaald en dat het subjectieve criterium slechts beperkte ruimte biedt voor afgifte bij zedendelicten met gezagsrelatie. Gezien de aard van het feit, de functie en het risico voor de samenleving was de weigering niet evident disproportioneel.
De rechtbank wees het beroep af en stelde dat eiser in de beveiligingsbranche kan blijven werken, waardoor de afwijzing niet onredelijk is. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de VOG-aanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege het voorwaardelijk geseponeerde zedendelict en het risico voor de samenleving.