ECLI:NL:RBZWB:2023:6898
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking omgevingsvergunning
Verzoeker had beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Breda waarbij een milieuneutrale omgevingsvergunning werd verleend voor de uitbreiding van een inrichting met een buitenterras. Het college verklaarde de bezwaren van verzoeker ongegrond en handhaafde het besluit. Later trok het college het primaire besluit in op verzoek van de vergunninghouder.
Naar aanleiding hiervan trok verzoeker zijn beroep in en vroeg om een veroordeling van het college in de proceskosten. De rechtbank oordeelde dat het college niet aan het beroep van verzoeker is tegemoetgekomen, omdat de intrekking van de vergunning het gevolg was van een verzoek van de vergunninghouder zelf en niet van het beroep van verzoeker.
Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid van verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het college niet aan het beroep van verzoeker is tegemoetgekomen.