ECLI:NL:RBZWB:2023:7096
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd tot behandeling van verzet tegen voorlopige voorziening
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde het verzet van een opposant tegen een eerdere uitspraak waarbij zijn verzoek om een voorlopige voorziening was afgewezen. Volgens artikel 8:55, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en andere wettelijke voorschriften is het niet mogelijk om bij de rechtbank verzet in te stellen tegen een uitspraak op een verzoek om voorlopige voorziening.
De rechtbank verwees ter onderbouwing naar eerdere jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en de Centrale Raad van Beroep, die bevestigen dat verzet tegen dergelijke uitspraken niet is toegestaan. Op grond hiervan verklaarde de rechtbank zich onbevoegd om het verzet te behandelen.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter J.E.C. Vriends en griffier drs. A. Lemaire op 12 oktober 2023 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd tot behandeling van het verzet tegen de afwijzing van het verzoek om voorlopige voorziening.