ECLI:NL:RBZWB:2023:7638
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag en boete omzetbelasting levering paard
Belanghebbende B.V. is ondernemer in de zin van de Wet OB en verkocht in 2016 het paard aan een derde voor €440.000 zonder btw in rekening te brengen. De inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op omdat het nultarief niet van toepassing zou zijn. De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag tijdig bekend is gemaakt, aangezien de aanslag op 29 december 2021 is geformaliseerd binnen de vijfjaarstermijn, ondanks dat belanghebbende het aanslagbiljet pas in januari 2022 ontving.
Verder is vastgesteld dat het paard al voor de uitvoer naar de Verenigde Staten feitelijk was overgegaan op de koper of diens zoon, die het paard ook in Europese wedstrijden gebruikte. Hierdoor is het nultarief niet van toepassing omdat de uitvoer niet in het kader van de levering plaatsvond. De naheffingsaanslag is daarom terecht opgelegd tegen het algemene tarief.
De boetebeschikking is eveneens terecht opgelegd omdat de belasting niet tijdig is voldaan. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die matiging van de boete rechtvaardigen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor de aanslag en boete in stand blijven en belanghebbende geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag en boetebeschikking blijven in stand.