Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
een gevangenisstraf van 6 maanden;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 27 april 2022 heeft verdachte een 15-jarig meisje, dat op dat moment onder toezicht stond van een zorginstelling op grond van een rechterlijke machtiging, onttrokken aan het wettig over haar gestelde gezag. Het meisje verbleef in de instelling ter bescherming vanwege een gezagsvacuüm en haar kwetsbare positie.
De rechtbank baseert haar oordeel op verklaringen van getuigen, aangifte van het Leger des Heils en telefonische gegevens die aantonen dat verdachte het meisje heeft weggehaald en dat er plannen waren om naar het buitenland te vluchten. De verdediging voerde aan dat de bewijslast onvoldoende was en dat de onttrekking in het belang van het meisje was, maar deze verweren werden verworpen.
De rechtbank oordeelt dat verdachte de beslissing van de kinderrechter heeft genegeerd en eigenrichting heeft gepleegd door het meisje mee te nemen. Gezien de ernst van het feit en het blanco strafblad van verdachte, legt de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden op, met aftrek van voorarrest. De straf wordt volledig uitgevoerd binnen de penitentiaire inrichting, met mogelijkheid tot deelname aan een penitentiair programma.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf wegens onttrekking van een minderjarige aan het wettig gezag.