ECLI:NL:RBZWB:2023:811
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Hindriks
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen omgevingsvergunning voor garagebouw in strijd met bestemmingsplan
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op bezwaar en tegen de verleende omgevingsvergunning voor de bouw van een garage op een perceel met een recreatieve bestemming. Het college had de vergunning verleend ondanks strijd met het bestemmingsplan, met een ruimtelijke onderbouwing en motivering voor afwijking.
De rechtbank verklaart het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk omdat het college binnen de ingebrekestelling alsnog een besluit heeft genomen. Voor eiseres [naam eiser 1] is het beroep ongegrond verklaard wegens gebrek aan persoonlijk belang, gelet op de afstand en het ontbreken van zicht en milieugevolgen.
De rechtbank oordeelt dat het college terecht heeft geoordeeld dat de verschillende percelen van de vergunninghouder als één geheel moeten worden beschouwd en dat de garage als bijbehorend bouwwerk kwalificeert. De motivering van het college over de ruimtelijke aanvaardbaarheid en de maximale bouwhoogte voldoet aan de wettelijke eisen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk en het beroep tegen de omgevingsvergunning ongegrond, waardoor de vergunning wordt gehandhaafd.