ECLI:NL:RBZWB:2023:8737
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM wegens te hoge waardering auto na bezwaar
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag BPM van € 2.572 en een belastingrentebeschikking van € 17. De inspecteur handhaafde de aanslag en rente. De rechtbank beoordeelde of de aanslag terecht en niet te hoog was opgelegd, met name of waardevermindering wegens schade in aanmerking kon worden genomen, de herleidingsmethode toepasbaar was en of de koerslijst van Eurotaxglass’s kon worden gebruikt.
De rechtbank oordeelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van meer dan normale gebruiksschade. De primaire en subsidiaire standpunten van belanghebbende werden verworpen. Wel mocht belanghebbende gebruikmaken van de koerslijst van Eurotaxglass’s met een correctie voor dealer- en marktsituatie van 15%. Op basis hiervan stelde de rechtbank de handelsinkoopwaarde vast op € 35.999 en berekende een verschuldigde BPM van € 5.667. Na verrekening van de reeds betaalde € 3.214 werd de naheffingsaanslag verminderd tot € 2.453.
De belastingrentebeschikking werd dienovereenkomstig verminderd. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan belanghebbende.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot € 2.453 en de belastingrentebeschikking dienovereenkomstig aangepast.