ECLI:NL:RBZWB:2023:9540
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen verkeersboete voor doorrijden bij rood licht
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het doorrijden bij een rood verkeerslicht op de Westerparklaan te Breda op 9 oktober 2022. Betrokkene stelde dat hij aan het remmen was en dat het niet mogelijk was tijdig te stoppen, en voerde aan dat uit de foto's niet blijkt dat het licht al rood was bij het passeren.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Op de zitting was betrokkene afwezig, de officier van justitie werd vertegenwoordigd door mr. C.S. de Meer.
De kantonrechter oordeelde dat de foto’s en de databalk duidelijk maken dat het verkeerslicht al 0,6 tot 1,0 seconde rood was toen betrokkene met 49 km/u het licht passeerde. Er was geen reden om aan de meting te twijfelen of de boete te matigen.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de boete bevestigd. Betrokkene kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens doorrijden bij rood licht wordt ongegrond verklaard.