ECLI:NL:RBZWB:2023:9542
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen boete voor stilstaan op trottoir in Breda
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens stilstaan op het trottoir aan de Rietmarkerstraat te Breda op 16 december 2021. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 5 december 2023 verscheen alleen de zittingsvertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie; betrokkene was niet aanwezig. Betrokkene voerde aan dat er geen sprake was van een trottoir, maar van een verhoging behorend tot een klein plaatsje achter een flat, en dat bewoners hinder ondervinden van gebrek aan parkeergelegenheid.
De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant en de foto's in het dossier voldoende bewijs vormen dat de gedraging heeft plaatsgevonden. Betrokkene bracht geen specifieke feiten aan die twijfel aan deze verklaring rechtvaardigen. De kantonrechter stelde dat het voor betrokkene duidelijk had moeten zijn dat parkeren op die plek niet was toegestaan. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens stilstaan op het trottoir wordt ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.