Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd omdat de bromfiets niet verzekerd was op 3 oktober 2022. Betrokkene stelde dat de scooter kapot was en niet kon rijden, dat zij de tenaamstellingscode kwijt was en bezig was deze aan te vragen om de scooter over te dragen. De scooter stond gedurende de periode achter slot en grendel bij een reparateur.
De officier van justitie verklaarde het administratief beroep van betrokkene ongegrond, maar betrokkene ging in hoger beroep bij de rechtbank. De rechtbank oordeelde dat de gedraging vaststaat en dat de kentekenhouder verantwoordelijk is voor verzekering, ook als het voertuig niet wordt gebruikt. Wel werd vastgesteld dat de hoorplicht in de administratiefrechtelijke fase was geschonden, wat leidt tot vernietiging van de beslissing van de officier van justitie.
Daarnaast matigde de rechtbank de boete met 25% vanwege deze schending en verder tot de helft van het oorspronkelijke bedrag vanwege de inspanningen van betrokkene om de scooter over te dragen en tijdelijk te verzekeren. Het beroep is daarom gedeeltelijk gegrond verklaard en de boete verminderd. Het teveel betaalde bedrag aan zekerheid wordt terugbetaald.