ECLI:NL:RBZWB:2024:1176
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM wegens niet-aannemelijke schadeauto
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag BPM van €16.462 opgelegd door de inspecteur, waarbij de waardevermindering wegens schade aan een Mercedes-Benz GLC-klasse AMG centraal stond.
De rechtbank stelde vast dat de historische nieuwprijs en handelsinkoopwaarde in onbeschadigde staat niet meer in geschil waren. De inspecteur had een hertaxatie laten uitvoeren die geen schade aan de auto constateerde, terwijl belanghebbende een taxatierapport overlegd had met een schadebedrag van €5.114.
De rechtbank oordeelde dat normale gebruiksschade niet in mindering kan worden gebracht en dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er op het moment van aangifte nog sprake was van niet-herstelde schade. De foto’s van de inspecteur toonden geen schade en de auto was vlak voor de aangifte verkocht.
Daarom werd de naheffingsaanslag verminderd naar €8.135. Het beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar vernietigd en de proceskosten en griffierecht werden aan belanghebbende toegekend. Een immateriële schadevergoeding wegens termijnoverschrijding werd afgewezen.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot €8.135 wegens het ontbreken van aannemelijke niet-herstelde schade.