De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft verdachte op 5 april 2024 veroordeeld voor medeplegen van vernieling van drie hotelkamers, het opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne en MDMA, en medeplegen van witwassen. De feiten vonden plaats in februari 2023 in verschillende hotels en locaties. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte samen met een medeverdachte de hotelkamers vernielde, drugs in bezit had en betrokken was bij het witwassen van geld afkomstig uit een misdrijf.
De bewijslast bestond uit aangiftes, camerabeelden, verklaringen van verdachte en medeverdachte, en een bekennende verklaring van verdachte over het witwassen. De verdediging voerde aan dat verdachte niet verantwoordelijk was voor de vernielingen en slechts medeplichtig was aan het witwassen, maar de rechtbank verwierp deze verweren en sprak verdachte vrij van wat meer of anders was ten laste gelegd.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 28 weken op, met aftrek van voorarrest, en wees schadevergoedingen toe aan de benadeelde hotels, waarbij verdachte en medeverdachte hoofdelijk aansprakelijk zijn. De rechtbank benadrukte de ernst van het gedrag, de materiële schade en de maatschappelijke overlast door drugsgebruik en witwassen.