Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het rijden van 20 km per uur te hard op de Rijksweg A16 in Moerdijk op 14 april 2022. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete met het argument dat de snelheidsovertreding niet is verricht en dat de afstand tussen zijn voertuig en dat van de verbalisant te groot was voor een betrouwbare boordsnelheidsmeting.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Op de zitting was betrokkene en zijn gemachtigde niet aanwezig. De kantonrechter overwoog dat de verklaring van de verbalisant in beginsel voldoende bewijs vormt voor de vaststelling van de overtreding, tenzij specifieke feiten en omstandigheden twijfel rechtvaardigen.
De kantonrechter vond geen aanleiding om aan de juistheid van de verklaring te twijfelen en verwees naar jurisprudentie waarin geen maximale tussenafstand voor boordsnelheidsmetingen is voorgeschreven. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens snelheidsovertreding wordt ongegrond verklaard.