ECLI:NL:RBZWB:2024:2423
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking besluit dubbele kinderbijslag door SVB
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de SVB waarin dubbele kinderbijslag wegens intensieve zorg werd geweigerd. Tijdens de procedure heeft de SVB het bestreden besluit ingetrokken en een nieuw besluit genomen waarin verzoekster alsnog de dubbele kinderbijslag werd toegekend, waarmee de SVB geheel aan het beroep tegemoet is gekomen.
Verzoekster vroeg vergoeding van proceskosten, waaronder kosten voor rechtsbijstand en een medisch advies van een deskundige. De rechtbank oordeelde dat de SVB aan verzoekster is tegemoetgekomen en wees het verzoek om proceskostenveroordeling toe. De vergoeding voor rechtsbijstand werd vastgesteld op basis van vaste bedragen per proceshandeling en de vergoeding voor de deskundige werd berekend aan de hand van een maximaal uurtarief, waarbij administratieve kosten niet werden vergoed.
De totale proceskostenvergoeding werd vastgesteld op € 2.777,31 exclusief het griffierecht, waarvan de SVB ook wordt veroordeeld tot vergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter M. Snoeks en griffier M.H.A. de Graaf op 17 april 2024 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de SVB tot betaling van € 2.777,31 aan proceskosten aan verzoekster.