Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens het stil laten staan van een motorvoertuig op een groenstrook aan de Liniestraat te Breda op 13 januari 2023. Tegen deze boete werd bezwaar gemaakt bij de gemeente Breda, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de rechtbank.
De gemachtigde van betrokkene voerde aan dat de toepasselijke gemeentelijke verordening in strijd zou zijn met hogere wetgeving, namelijk de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), en dat uit de foto niet bleek dat de groenstrook was aangetast. De gemeente stelde dat de APV het beschermen van groenvoorzieningen regelt en dat de boete binnen de discretionaire bevoegdheid van de gemeente viel.
De rechtbank oordeelde dat de gemeentelijke verordening niet in strijd is met hogere wetgeving en dat de gedraging van betrokkene vaststaat. De rechtbank zag geen reden om de boete te matigen en verklaarde het beroep ongegrond. Ook werd het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.