De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 7 mei 2024 uitspraak gedaan in een echtscheidingszaak tussen partijen die sinds 1998 gehuwd waren onder huwelijkse voorwaarden. Partijen hebben hun huwelijkse voorwaarden in 2022 gewijzigd en het huwelijk is duurzaam ontwricht.
Beide partijen verzochten de echtscheiding uit te spreken. De vrouw vroeg daarnaast een partneralimentatie van €2.555 per maand, terwijl de man een lagere bijdrage van €683 per maand voor maximaal één jaar voorstelde. De rechtbank oordeelde dat de vrouw niet heeft afgezien van haar recht op partneralimentatie en dat de man voldoende draagkracht heeft om een bijdrage van €1.473 bruto per maand te betalen.
De rechtbank verwierp het verzoek van de man tot limitering van de alimentatie tot één jaar wegens onvoldoende zwaarwegende omstandigheden. Verder trokken partijen hun verzoeken omtrent de verdeling van de woning in, en zij waren het eens over de verdeling van de gezamenlijke bankrekening. De vrouw werd veroordeeld tot betaling van €495,70 aan de man ter verrekening van een door hem betaalde premie.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door hoger beroep bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch.