ECLI:NL:RBZWB:2024:3612
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hersteluitspraak correctie veroordeling immateriële schadevergoeding door Staat
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 3 juni 2024 een hersteluitspraak gedaan ter verbetering van haar eerdere uitspraak van 22 mei 2024 in een bestuursrechtelijke zaak betreffende belastingrecht. In de oorspronkelijke uitspraak was abusievelijk in het dictum de inspecteur veroordeeld tot het betalen van een vergoeding van immateriële schade van € 500 aan belanghebbende, terwijl uit de overwegingen bleek dat de Staat (de Minister van Justitie en Veiligheid) veroordeeld moest worden.
De rechtbank constateerde deze discrepantie tussen de overwegingen en het dictum en besloot de fout te herstellen door het dictum aan te passen. De veroordeling tot betaling van de immateriële schadevergoeding wordt nu correct toegeschreven aan de Staat. De rechtbank achtte de fout redelijkerwijs kenbaar voor partijen en voerde de verbetering door zonder dat dit gevolgen heeft voor de termijn voor hoger beroep tegen de oorspronkelijke uitspraak.
De hersteluitspraak is gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink en griffier S.A.C. Deeleman en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze hersteluitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank corrigeert de veroordeling en veroordeelt de Staat tot betaling van € 500 immateriële schadevergoeding.