3.1.Naar aanleiding van klachten uit de omgeving van de inrichting over stofoverlast heeft de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB)in opdracht van het college op 3 en 5 juni 2019 emissiemetingen uitgevoerd aan de afgassen van de vier emissiepuntenbij de inrichting.
Het doel van de metingen was controleren of aan de stofemissie-eis van 5 mg/Nm³ van artikel 2.5 van het Abm wordt voldaan. Het college heeft op basis van de resultaten van de metingengeconcludeerd dat bij de beide emissiepunten van de poederlijn de concentratie-eis van 5 mg/Nm³ is overschreden.
4. Bij besluit van 1 oktober 2019 heeft het college aan eiseres een last onder dwangsom opgelegd. Hierin is bepaald dat eiseres na 1 november 2019 een dwangsom verbeurt van € 5.000,- per constatering (maximaal één constatering per dag) dat in strijd met artikel 2.5 van het Abm, één of beide emissiepunt(en) van de poederlijn meer dan 5 mg/Nm³ stof binnen de stofklassen S en sO emitteert/emitteren, met een maximum van € 20.000,-.
Eiseres heeft tegen deze last onder dwangsom geen rechtsmiddelen heeft aangewend, zodat dat besluit onherroepelijk is.
5. Op 30 januari 2020 heeft de OMWB opnieuw emissiemetingen bij de inrichting van eiseres uitgevoerd. Deze metingen hebben plaats gevonden bij de afgassen van een drietal emissiepunten; bij de twee emissiepunten van de poederlijn en bij het emissiepunt schoorsteenstofafzuiging productiehal.
Op basis van deze metingen heeft het college geconcludeerd dat bij de beide emissiepunten van de poederlijn en bij de stofafzuiging van de productielijn de concentratie-eis van 5 mg/Nm³ uit artikel 2.5 van het Abm is overschreden.
6. Bij brief van 11 maart 2020 heeft het college eiseres bericht dat – gelet op de resultaten van een controlemeting op 30 januari 2020 – van rechtswege een dwangsom van € 5.000,- is verbeurd. Eiseres heeft hiertegen een zienswijze ingediend. Bij besluit van 15 mei 2020 (primair besluit I) heeft het college de op 30 januari 2020 van rechtswege verbeurde dwangsom ingevorderd.
7. Bij brief van 27 maart 2020 – verzonden op 8 april 2020 – heeft het college aan eiseres bekend gemaakt voornemens te zijn aan haar een last onder dwangsom op te leggen wegens overtreding van artikel 2.5 van het Abm bij het emissiepunt “nieuwe schoorsteen: stofafzuiging productiehal”. Eiseres heeft hiertegen een zienswijze ingediend.
Bij besluit van 25 mei 2020 (primair besluit II) heeft het college aan eiseres een last onder dwangsom opgelegd. Hierin is bepaald dat eiseres een dwangsom verbeurt van € 5.000,- per constatering (maximaal één constatering per dag) dat in strijd met artikel 2.5 van het Abm, ter plaatse van het emissiepunt “nieuwe schoorsteen: stofafzuiging productiehal” meer dan 5 mg/Nm³ stof binnen de stofklassen S en sO emitteert, met een maximum van € 20.000,-.
8. Eiseres heeft zowel tegen de invorderingsbeschikking (primair besluit I) als tegen de last onder dwangsom (primair besluit II) bezwaar gemaakt.
9. Bij besluit (op bezwaar) van 28 januari 2021 heeft het college de bezwaren van eiseres ongegrond verklaard en de primaire besluiten I en II in stand gelaten.
10. Het college heeft bij besluit van 25 oktober 2022 de aan eiseres opgelegde lasten onder dwangsom van 30 september 2019 en 25 mei 2020 (primair besluit II) ingetrokken per 26 oktober 2022.