Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete voor parkeren zonder vergunning op een vergunninghoudersparkeerplaats op 13 oktober 2022 te Breda. Betrokkene voerde aan dat zij betaald had voor parkeren en dat het gebied een betaald parkeerzone betrof, met bewijs in de vorm van een foto.
De officier van justitie stelde dat het voertuig deels aan de verkeerde kant van het bord stond, waar een vergunning vereist is, maar erkende een schending van de hoorplicht en verzocht om matiging van de boete.
De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat betrokkene de overtreding heeft begaan, mede omdat het bord in het midden van het parkeervak staat en oude belijning voor verwarring zorgt. Hierdoor is het onduidelijk of de plek een betaald parkeerplaats of vergunninghoudersplek is.
De boete en de beslissing van de officier van justitie werden vernietigd en het betaalde bedrag van €109,00 werd terugbetaald. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd met terugbetaling van het betaalde bedrag.