Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene] B.V.
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete voor het rijden op het voetgangersgebied Nieuwlandstraat te Tilburg op 24 november 2021. Het beroep tegen de boete werd eerst door het Openbaar Ministerie ongegrond verklaard, waarna betrokkene bij de kantonrechter in beroep ging.
De rechtbank onderzocht de situatie rondom de verkeersmaatregelen en handhaving in de Nieuwlandstraat. Er was een verkeersbesluit genomen en een voetgangersgebied ingericht met borden en markeringen. Er waren echter perioden waarin vooraankondigingsborden ontbraken, waardoor bestuurders feitelijk werden gedwongen de geslotenverklaring te negeren. Ook was er onduidelijkheid door wegwerkzaamheden.
De kantonrechter oordeelde dat boetes opgelegd tussen juli en 9 september 2021 niet terecht waren vanwege het ontbreken van vooraankondigingsborden. Boetes tussen 10 september en 3 november 2021 werden gematigd vanwege onduidelijkheid in de verkeerssituatie. Boetes vanaf 3 november 2021 werden gegrond verklaard. Daarnaast werd de boete met 25% gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn. Proceskosten werden deels toegewezen.
De beslissing van de officier van justitie werd gewijzigd, waarbij de boete werd gematigd tot €121,50 inclusief administratiekosten en een terugbetaling van teveel betaalde zekerheidstelling werd bevolen.
Uitkomst: De boete wordt gematigd tot €112,50 plus administratiekosten en proceskostenvergoeding wordt toegekend.