Betrokkene is beboet voor het rijden op het voetgangersgebied Nieuwlandstraat te Tilburg op 20 mei 2022. Hij stelde dat de verkeerssituatie onduidelijk was door onjuiste en verwarrende bebording, werkzaamheden en een verhuiswagen die de doorgang blokkeerde. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
De kantonrechter heeft de situatie in drie periodes verdeeld. Voor juli tot 9 september 2021 was de bebording onvoldoende duidelijk, waardoor boetes in die periode onterecht waren. Van 10 september tot 3 november 2021 was de bebording formeel correct, maar door wegwerkzaamheden en onduidelijkheid vond de kantonrechter het onredelijk om boetes op te leggen en matigde deze naar nihil. Vanaf 3 november 2021 was de situatie voldoende duidelijk en werden boetes terecht opgelegd.
Hoewel het beroep inhoudelijk ongegrond is verklaard voor de datum van de overtreding, is vastgesteld dat de hoorplicht door de officier van justitie is geschonden en de redelijke termijn van berechting met drie weken is overschreden. Daarom is de boete met 25% gematigd en is een proceskostenvergoeding toegekend voor de fase bij de kantonrechter.
De beslissing van de officier van justitie op het administratief beroep is vernietigd en het bedrag van de boete aangepast. Betrokkene krijgt een deel van de betaalde zekerheidstelling terugbetaald. Het beroep is daarmee gedeeltelijk gegrond verklaard.