ECLI:NL:RBZWB:2024:5386
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Wraking
- Van Kralingen
- Zander
- De Roos
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoek afgewezen wegens ontbreken schijn van vooringenomenheid rechter
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de bestuursrechter mr. Peters die betrokken is bij twee bestuursrechtelijke hoofdzaken. Het verzoek was gebaseerd op het feit dat de rechter het verzoek van verzoeker om telefonisch aan de zitting deel te nemen had afgewezen, waardoor verzoeker meende dat het beginsel van hoor en wederhoor niet adequaat werd gewaarborgd.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, waarbij het uitgangspunt is dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn. Alleen uitzonderlijke omstandigheden kunnen een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor vooringenomenheid. De wrakingskamer oordeelde dat de beslissing van de rechter om het telefonische verzoek af te wijzen een procesbeslissing betreft waarover geen wrakingsklacht kan worden ingediend.
Daarnaast is geen sprake van enige aanwijzing dat de rechter jegens verzoeker een vooringenomenheid koestert of dat de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Het feit dat in een andere procedure een telefonische zitting wel was toegestaan, leidt niet tot een ander oordeel. De wrakingskamer verklaart het wrakingsverzoek dan ook kennelijk ongegrond en laat de mondelinge behandeling achterwege.
De behandeling van de hoofdzaken wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevonden ten tijde van de schorsing door het wrakingsverzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de bestuursrechter is kennelijk ongegrond verklaard en afgewezen.