ECLI:NL:RBZWB:2024:6129

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
29 augustus 2024
Publicatiedatum
2 september 2024
Zaaknummer
BRE 23_10067
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 30a Wet WOZ
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vermindering WOZ-waarde woning en aanslag OZB na beroep gegrond verklaard

Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, vastgesteld op € 668.000 per 1 januari 2022, en tegen de daarop gebaseerde aanslag onroerendezaakbelasting (OZB) voor 2023. De heffingsambtenaar van de gemeente Veere verklaarde het bezwaar ongegrond. Belanghebbende ging in beroep bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant.

Tijdens de zitting op 15 juli 2024 bereikten partijen een compromis waarin werd overeengekomen de WOZ-waarde te verlagen naar € 591.000. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat de aanslag OZB dienovereenkomstig verminderd moest worden.

Daarnaast werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht van € 50 en proceskosten van € 2.998 aan belanghebbende, berekend conform het Besluit proceskosten bestuursrecht en het recente arrest van de Hoge Raad van 12 juli 2024. De uitspraak werd gedaan door rechter M.E. de Boer op 29 augustus 2024 en openbaar gemaakt via geanonimiseerde publicatie.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de WOZ-waarde en aanslag OZB worden verminderd en proceskosten worden aan belanghebbende toegekend.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 23/10067

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 augustus 2024 in de zaak tussen

[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,

(gemachtigde: [gemachtigde] , aangesloten bij [bedrijf] ),
en

de heffingsambtenaar van de gemeente Veere, de heffingsambtenaar.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 13 juli 2023, welke door belanghebbende is ontvangen op 25 augustus 2023.
1.1.
De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 15 februari 2023 de waarde van de onroerende zaak [adres] (de woning) op 1 januari 2022 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 668.000. Tegelijk met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Veere voor het jaar 2023 opgelegd (de aanslag OZB).
1.2.
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
1.3.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
1.4.
De rechtbank heeft het beroep op 15 juli 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen de gemachtigde van belanghebbende, [naam 1] , werkzaam bij [bedrijf] , en namens de heffingsambtenaar [naam 2] .

Overwegingen

2. Partijen hebben na de zitting bij wijze van compromis overeenstemming bereikt. Afgesproken is dat de WOZ-waarde voor het jaar 2023 wordt vastgesteld op € 591.000. Het beroep is daarom gegrond. De waarde moet worden verlaagd. De aanslag OZB dient dienovereenkomstig te worden verminderd.
2.1.
Omdat het beroep gegrond is moet de heffingsambtenaar het griffierecht aan belanghebbende vergoeden en krijgt belanghebbende ook een vergoeding van zijn proceskosten. De heffingsambtenaar moet deze vergoeding betalen. De vergoeding is met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. Voor de rechtsbijstand door een gemachtigde krijgt belanghebbende een vast bedrag per proceshandeling. Naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad op 12 juli 2024 wordt voor de vergoeding van proceskosten voor de bezwaarfase gerekend met een forfaitair bedrag van € 624 per punt. [1] De rechtbank ziet geen aanleiding om hiervan af te wijken. Belanghebbende heeft recht op 1 punt voor het bezwaarschrift en 1 punt voor het bijwonen van de hoorzitting, met een waarde van € 624 per punt, 1 punt voor het beroepschrift en 1 punt voor het bijwonen van de zitting, met een waarde van € 875 per punt, met een wegingsfactor 1. De vergoeding bedraagt dan in totaal € 2.998. Deze vergoedingen moeten rechtstreeks aan belanghebbende zelf worden betaald. [2]

Beslissing

De rechtbank:
  • verklaart het beroep gegrond;
  • vernietigt de uitspraak op bezwaar;
  • vermindert de WOZ-waarde van de woning tot een bedrag van € 591.000;
  • vermindert de aanslag OZB dienovereenkomstig;
  • bepaalt dat de heffingsambtenaar het griffierecht van € 50 aan belanghebbende moet vergoeden;
  • veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 2.998 aan proceskosten aan belanghebbende.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.E. de Boer, rechter, in aanwezigheid van
mr. D. Damen, griffier, op 29 augustus 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De griffier is verhinderd deze
uitspraak mede te ondertekenen
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch.

Voetnoten

1.Hoge Raad, 12 juli 2024,
2.Artikel 30a, vierde en vijfde lid van de Wet WOZ